Online beleggen

Je bent hier: Home > Cursus beleggen > Obligaties

Wat zijn obligaties?

Bedrijven en de overheid hebben geld nodig en kunnen hiervoor naar de markt stappen. Als ze geld lenen van beleggers, dan worden deze grote leningen obligaties genoemd. Er zijn dus staatsobligaties en bedrijfsobligaties. De beleggers krijgen als beloning rente uitgekeerd.

De obligaties worden verhandeld op de effectenbeurs. Wie een obligatie koopt, koopt in feite een schuldbewijs.

Jaarlijks wordt voor tientallen miljarden geleend door overheid en bedrijven. De obligaties hebben bijna altijd een minimale grootte van 1000 euro. De rente die een obligatiehouder ontvangt, staat vast. Dat staat dus op de obligatie. Ook is de looptijd vastgelegd. Wie dus een tienjarige staatslening 3,5% koopt, weet dat hij per obligatie van 1000 euro elk jaar van het komend decennium 35 euro krijgt. Aan het eind van die 10 jaar krijgt de obligatiehouder precies de 'hoofdsom' van 1000 euro weer uitgekeerd.

Beleggen in obligaties is dus redelijk zeker. De aandeelhouder is afhankelijk van de winst van het betrokken bedrijf, de obligatiehouder krijgt gewoon elk jaar de rente en aan het eind van de afgesproken periode de lening terug. Natuurlijk zijn er uitzonderingen op deze regel. Als een bedrijf failliet gaat, zitten de obligatiehouders met de schade. Dat is onder andere gebeurd bij bekende faillissementen van Fokker en DAF. Beide bedrijven hadden veel obligatieleningen uitgeschreven. Na hun faillissement kregen de obligatiehouders niets. De kans dat dit gebeurt bij de Nederlandse of Belgische staat is natuurlijk veel lager. Beleggen in staatsobligaties is dus veiliger.

Veel obligaties hebben in de voorwaarden vastgelegd dat de lening ‘vervroegd’ mag worden afgelost. Dat kan voor de overheid of het bedrijf dat de lening uitschreef zeer aantrekkelijk zijn. Stel dat een bedrijf een obligatie uitschreef met een rente van 5% voor een periode van 10 jaar. Na 5 jaar echter is de rente gezakt naar 3%. Het bedrijf zal dan de lening vervroegd aflossen en een nieuwe lening uitschrijven tegen de dan gangbare rente van 3%. Het verschil tussen 5% en 3% is voor de onderneming pure winst.

In principe hebben obligaties een vaste looptijd. Bij het uitschrijven van de lening wordt al precies gezegd wanneer de lening wordt afgelost (tot op de dag nauwkeurig). In de tussenliggende periode krijgt de obligatiehouder jaarlijks keurig de rente op zijn rekening gestort. Dat regelt de bank netjes voor jou.

Sommige obligatieleningen hebben een methode waarbij de lening in stukjes wordt afgelost. Bijvoorbeeld in de laatste 5 jaar van de looptijd wordt elk jaar 20% van de lening afgelost. Dat gebeurt door middel van loting. Dat kan omdat elke obligatie genummerd is. De bank houdt voor zijn beleggers scherp in de gaten of de obligatie is uitgeloot. Zo ja, dan krijgt de belegger het geld automatisch op zijn rekening gestort.

Voordelen

  • Het beleggen in obligaties heeft over het algemeen minder risico's dan wanneer je belegt in aandelen
  • Het rendement dat behaald kan worden met obligaties ligt doorgaans hoger dan de rente die je ontvangt op een spaarrekening.

Nadelen

  • Een risico van obligaties is dat de uitgever failliet kan gaan waardoor je wellicht jouw inleg niet (geheel) terug krijgt
  • Tijdens de looptijd van een obligatie loop je koersrisico, het kan immers zo zijn dat wanneer je het ingelegde geld nodig hebt de koers onder de aankoopwaarde staat.

Risico's

Bij het beleggen in obligaties loop je het debiteuren risico, het liquiditeitsrisico (kan je wel verkopen wanneer je wil?), het rente risico (gaat de rente stijgen?) en mogelijk het valutarisico (bij obligaties in andere munten: wat als de waarde van de munt daalt?).

Het debiteurenrisico is bij bedrijfsobligaties groter dan bij staatsobligaties. Dit risico houdt in dat het niet zeker is of de uitgever van de obligatie wel aan zijn verplichtingen kan voldoen. Als de onderneming failliet gaat dan kun je je volledige inzet verliezen.

Het risico dat je loopt is lager dan wanneer je aandelen koopt van hetzelfde bedrijf. Dit komt omdat je als houder van een obligatie bij een faillissement eerder je geld terug krijgt dan je als aandeelhouder hebt.

Koers

De prijs van een obligaties kan verschillen, echter in veel gevallen zal de nominale waarde € 1.000,- zijn. Op het moment dat de obligatie wordt uitgegeven en hij verhandelbaar is op de beurs wordt de koers weergegeven in een percentage van de nominale waarde. 100 staat dan voor het oorspronkelijke bedrag, op het moment dat de koers bijvoorbeeld 110% is dan kan je de obligatie kopen voor € 1.100,-.

Belangrijk om te weten is dat de rente wordt vergoedt over de nominale waarde. Koop je een obligatie op een koers van 110 (€ 1.100,-) dan krijg je dus maar een rentevergoeding over € 1.000,-. Daarnaast wordt aan het einde van de looptijd de nominale waarde aan jou terugbetaald. Staar je daarom niet blind op hoge couponrentes, maar let ook op de koers.

In de krant staan dagelijks lange lijsten met obligaties. De notering geeft aan om wat voor lening het gaat en wat de koers is. Bijvoorbeeld 3,25nl15-25; een obligatie dus van de Nederlandse staat met een rente van 3,25% die loopt van 2015 tot en met 2025. Als achter de notering ‘101’ staat, dan betekent dit een koers van 101%. Wil je dus deze obligatie tegen deze koers kopen, dan moet je 101% betalen. Dat komt dus neer op 1010 euro voor een obligatie van 1000 euro.

Converteerbare obligaties

Naast de gebruikelijke obligaties zijn er enkele speciale vormen waarvan er al één jarenlang erg populair is; de converteerbare obligatie. Dit zijn obligaties van bedrijven die een lage rente hebben. In ruil voor die lage rente is vastgelegd dat de obligatiehouder gedurende de looptijd de obligaties mag omwisselen in aandelen van het concern tegen een van tevoren vastgestelde koers. Het ligt voor de hand dat dit zeer aantrekkelijk is als de koers flink stijgt. Dan kan de houder van deze obligatie een koerswinst incasseren. Als de koers van het aandeel daalt beneden de vastgelegde omwisselkoers, ontvangt de obligatiehouder altijd nog de rente. Die rente is dan wel laag, maar de strop is beperkt. De converteerbare obligatie wordt in de financiële wereld een convertible genoemd.

Nulcoupon obligaties

Een nulcouponobligatie is een obligatie waarbij de couponrente 0% is. Je ontvangt geen rente voor het geleende geld. Op de afloopdatum van de obligatie krijg je gewoon meer geld terug dan je oorspronkelijke investering.

Een voorbeeld maakt het een stuk duidelijker. Stel dat je €5000 beschikbaar hebt om te investeren in een nulcouponobligatie. Deze obligatie zal na een looptijd van 2 jaar een waarde hebben van €5000. Bij de aankoop van deze obligatie hoef je slechts een bedrag van €4535 voor deze obligatie te betalen. Na 2 jaar krijg je €5000 terug en heb je je jaarlijkse rente (5%) in een keer ontvangen.

Het nadeel van zo'n nulcouponobligatie is dat je er geen periodiek inkomen uit haalt omdat je geen rente ontvangt. Het voordeel is dat de geduldige belegger een obligatie heeft waarvan hij aan het einde van de looptijd de vruchten kan plukken.

Bij het dalen van de rente kan verkoop van je nulcouponobligatie een mooi rendement opleveren. Dit komt omdat door een daling van de rente de koers van de nulcouponobligatie sterk stijgt. Daar tegenover staat dat als je de obligatie wilt verkopen voor het einde van de looptijd de koers van de obligatie niet gunstig is wanneer de rente aantrekt.

Kredietwaardigheid emittent

De kredietwaardigheid van de uitgever van de obligatie bepaalt mede hoe hoog de rente is. Een financieel kerngezond bedrijf zal in de regel een lagere rente aanbieden dan een bedrijf waar het wat minder mee gaat.

Om de kredietwaardigheid van een bedrijf of overheid inzichtelijk te maken geven verschillende ratingbureaus een bepaalde rating aan het bedrijf of de overheid. De bekendste ratingbureaus zijn Moody's en Standard & Poor's. Zij geven aan of obligaties van goede kwaliteit zijn of dat het gaat over zogenaamde 'junkbonds' (rommel). De rente op junkbonds ligt uiteraard vele malen hoger, maar het risico dat de hoofdsom niet (volledig) wordt terugbetaald is groter dan bij AAA obligaties.

Investeren in investment-grade bedrijfsobligaties is een veilige investering. Deze obligaties worden uitgegeven door de meest stabiele bedrijven en overheden met de beste kwaliteit. Omdat het risico op deze obligaties lager ligt, ontvang je ook minder rendement.

Hoe obligaties kopen?

Om obligaties te kunnen kopen moet je in het bezit zijn van een effectenrekening. Dit is het rekeningnummer waarop jouw effecten (aandelen, opties, obligaties) worden geadministreerd. Je kunt een effectenrekening openen bij een broker. Veel grote banken zijn broker, maar er zijn ook gespecialiseerde banken die zich in het bijzonder richten op de effectenhandel.

Zodra deze rekening loopt kan je (onder andere) obligaties kopen. Vergeet echter geen rekening te houden met de transactiekosten, deze kosten verschillen per aanbieder en zijn qua hoogte zeker het onderzoeken waard.



Gratis nieuwsbrief